Lied van de prins
Ik sliep in iedere woestijn,
ging naar waar de fjorden zijn
at toen kastanjes van het vuur
er viel sneeuw, de wind was guur
ik werd gestoken door een mug
bovenop een ezelsrug
vlakbij de grote stad Krakau,
dacht dat ik haar vinden zou
Over de Stille oceaan
moest ik met een zeilboot gaan
ik liep van Agadir tot Fes,
zette voet op elk bordes
ik zocht in China eens een keer,
wekte daar een circusbeer
die wel goed vast zat aan een touw,
dacht dat ik haar vinden zou
De ontmoeting
Beneden opende hij de zware voordeur van het kasteel en daar stond een meisje, door en door nat van de regen. De prins zag dat het een heel mooi meisje was en zei haar vlug binnen te komen. Het water droop uit haar haren en kleren. Op de plaats waar ze stond in de hal, lag na een paar tellen al een flinke plas regenwater. "G-g-g-goeden-n-n-navond", zei ze bibberend van de kou. "k b-b-ben M-M-M-Maribelle". "Maribelle" vroeg de prins en hij voelde haar natte hand in zijn hand, die nog warm was van het gooien met de dobbelsteen. Vlug pakte hij z'n dikste jas van de kapstok en deed hem om haar schouders.
Lied van Maribelle en de prins
Maribelle:
Wat is tie leuk
wat is tie knap
wat is tie aardig
wat heeft tie ook een fijne warme stem
ziet hij dat m'n beide wangen gloeien,
nu ik weer even kijk naar hem?
Hoe lang ken ik hem,
misschien is het een uurtje
en sinds een uurtje voel ik me heerlijk vrij
met heel m'n hart kan ik al zeggen;
hij is de ware prins voor mij..
de prins:
Wat is ze lief
wat is ze mooi
wat is ze grappig
wat ruikt ze ook naar honderd soorten fruit
ik zie dat ze nu begint te blozen,
het ziet er zo fantastisch uit
Hoe lang ken ik haar,
misschien is het een uurtje
en sinds een uurtje
voel ik me heerlijk vrij
met heel mijn hart kan ik al zeggen;
zij is echt de prinses voor mij..
Lied van de erwt
Kamermeisje Antoinette
heeft er heel wat neergezet
zij houdt van de Hoelahoep
straks ben ik erwtensoep
ben ik erwtensoep
Oude Bertus de lakei
legde er een dikke bij
lezen doet tie met een loep
straks ben ik erwtensoep
ben ik erwtensoep
Schatbewaarder Van der Pelt
heeft ze allemaal geteld
twintig, verder heet hij Joep
straks ben ik erwtensoep
ben ik erwtensoep
Met een ladder komt de kok
stapelt verder tot de nok
ijs serveert hij in een coup
straks ben ik erwtensoep
ben ik erwtensoep
En omhoog klimt Maribelle
een prinses dat is zij wel
maar hoort ook niet dat ik roep
hé, straks ben ik erwtensoep
ben ik erwtensoep!
Lied voor de erwt
Eens lag je in een donk're kast
nu ben je onze ere gast
hoe vind je dat, erwt?
In deze mooi versierde zaal
zit je straks aan het bruiloftsmaal
hoe vind je dat, erwt?
Erwt, wat was je dapper
we staan echt nog versteld
je had het zwaar, maar hield wel vol
werd zo een ster, de held
We zeggen eig'lijk met dit lied;
t'rug naar de keuken mag je niet
hoe vind je dat, erwt?
(uit: De prinses op de erwt)